Als na een vrijblijvend informatief gesprek met medewerkers van Praktijk Glaudé het vermoeden bestaat dat er sprake is van dyslexie of leerproblemen, dan kunt u besluiten een diagnostiek onderzoek door ons te laten uitvoeren. Onderzoeksvragen die gesteld worden:

  • In welke mate is sprake van lees- en spellingsproblemen?
    Om deze vraag te beantwoorden wordt een uitgebreid didactischonderzoek gedaan.  Er wordt gekeken of de diverse deelvaardigheden voor het lezen en spelling voldoende zijn geautomatiseerd. Er worden diverse woord- en tekstleestoetsen afgenomen, alsmede spellingstoetsen (dictees).
  • Zijn er aanwijzingen voor dyslexie?
    Dyslexie is een specifieke problematiek en moet / kan onderscheiden worden van een algemeen leerprobleem, een algemene taalstoornis, een specifieke taalstoornis, algemene, gegeneraliseerde geheugenproblemen (verbaal / non-verbaal). Hiervoor wordt intelligentie onderzoek gedaan met een testbatterij met verschillende subtests (WISCIII) of gebruik gemaakt van bijvoorbeeld de NIO gegevens (gebruikt op scholen, groep 8). Zo kan een sterkte- zwakteprofiel in kaart gebracht worden. Indien er al elders capaciteitenonderzoek heeft plaatsgevonden, kunnen de gegevens in overleg met betrokkenen gebruikt worden voor een nadere analyse. De gegevensmoeten dan wel ‘recent’ zijn, dus mogen niet ouder zijn dan anderhalf tot twee jaar.

  • Is er sprake van een dyslexie - typerend cognitief profiel?
    Hiervoor wordt onderzoek gedaan naar de Fonologische verwerking, Grafeem-foneemassociatie en Snelheid van serieel benoemen (van cijfers en letters). Hiervoor zijn subtests gebruikt uit een aantal grotere testbatterijen.

  • Zijn er alternatieve verklaringen voor de lees- en spellingsproblemen?
    Er wordt in een voorgesprek navraag gedaan naar de diverse aspecten van de ontwikkeling,  mogelijk medische of sociaal-emotionele problemen, de schoolloopbaan, opvallendheden en eventuele problemen. Ook wordt gevraagd of leerproblemen zoals dyslexie of dyscalculie in de familie voorkomen. Indien nodig / gewenst zullen ook andere gegevens opgevraagd worden (uiteraard altijd met schriftelijke toestemming).

    Er wordt op grond van voorgaande gegevens (ouders / school) en eigen observaties tijdens het onderzoek gekeken naar mogelijke aandacht- en concentratieproblemen, persoons / situatiegebonden leerbelemmerende factoren en co-morbiditeit (aanwezigheid van andere stoornissen). De vraag is in hoeverre andere factoren mogelijk van invloed zijn op de lees- en spellingsproblemen. Soms is aanvullend onderzoek gewenst. Men kan hierbij denken aan oog- of gehooronderzoek, (neuro)psychologisch onderzoek etc. Naast overleg met u  / ouders zal dan ook nader overleg met een(school)arts of psycholoog gewenst zijn in verband met verwijzingen.

  • Is er sprake van hardnekkigheid oftewel didactische resistentie?
    Om te kunnen spreken van dyslexie moet voldaan worden aan het hardnekkigheidscriterium. Dat wil zeggen dat de lees- en spellingsproblemen zich voordoen ondanks dat er gedurende langere tijd gerichte hulp van school heeft plaatsgevonden op zorgniveau 1, 2 en 3. Het begeleidingstraject op zorgniveau 3 moet aan diverse eisen voldoen. Dit betreft de begeleider, de duur van de behandelperiode, de gebruikte methoden, de intensiviteit en de continuïteit, de tussentijdse toetsingen op grond waarvan behandelplannen worden gehandhaafd of bijgesteld.